De verzekeringsondernemingen die niet worden bedoeld bij artikel III.95, § 2, tweede lid, van het Wetboek van economisch recht, alsmede de herverzekeringsondernemingen maken hun jaarrekening op overeenkomstig het koninklijk besluit van 17 november 1994 op de jaarrekening van de verzekerings- en herverzekeringsondernemingen.
Afdeling 3. — Diverse bepalingen en overgangsbepalingen.
Artikel 3:92
Artikel 3:93
De herwaardering van de nijverheids-, handels- of landbouwoutillering en van de daarmede gelijkgestelde nijverheidsgebouwen waartoe wordt overgegaan in toepassing van artikel 511, § 2, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, wordt in de jaarrekening behandeld overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit genomen ter uitvoering van dit artikel.
Artikel 3:94
Onder post II van de passiefzijde “Herwaarderingsmeerwaarden” mogen rechtstreeks worden geboekt en gehandhaafd tot op het ogenblik waarop de betrokken goederen gerealiseerd zijn de terugneming van waardeverminderingen op deelnemingen, effecten en andere in portefeuille gehouden waardepapieren, voor zover deze waardeverminderingen werden geboekt vóór 1 januari 1976 of, indien de vennootschap het boekjaar anders dan per 31 december afsluit, vóór het begin van het boekjaar afgesloten in de loop van 1977.
Artikel 3:95
De vennootschappen en de publiekrechtelijke rechtspersonen en entiteiten, onderworpen aan boek III, titel 3, hoofdstuk 2, van het Wetboek van economisch recht, die voor hun personeelsleden en/of bedrijfsleiders, rust- of overlevingspensioenverplichtingen hebben aangegaan in het kader van een pensioenregeling, die door een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening wordt beheerd, zijn vrijgesteld van de vorming van voorzieningen voor die verplichtingen. Die vrijstelling heeft betrekking op het gedeelte van de voorzieningen waarvoor de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening van een vrijstelling geniet overeenkomstig artikel 163 tot 166, 168 of 169 van de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening of waarvan de vennootschap of publiekrechtelijke rechtspersoon of entiteit geniet overeenkomstig respectievelijk artikel 165, eerste lid of 168, § 1, tweede lid, van de voormelde wet van 27 oktober 2006.