De toelichting bevat, indien van materieel belang zoals gedefinieerd in artikel 82, § 3/1, tweede lid, de hierna vermelde aanvullende gegevens.
A. Aanvullende gegevens
Naast de samenvatting van de waarderingsregels krachtens artikel 28, § 1, tweede lid, en naast de vermeldingen die in voorkomend geval moeten worden opgenomen krachtens de artikelen 24, tweede lid, 25, § 2 en § 3, tweede lid, 29, tweede en derde lid, 30, derde lid, 33, 34, 37, 38, derde lid, 43, derde lid, 57, § 1, tweede lid, 58, tweede lid, 60, tweede lid, 61, § 1, eerste en vierde lid, 64, § 1, eerste lid, 66, § 1, 71, tweede en derde lid, 83, tweede lid, 84, 86, tweede lid en 102, § 1, worden in de toelichting de hierna volgende gegevens opgenomen:
I.
Een staat van de oprichtingskosten (post I van de activa) met de vermelding van hun nettoboekwaarde per einde van het vorige boekjaar, de mutaties tijdens het (nieuwe kosten van het boekjaar, afschrijvingen, andere) alsmede de nettoboekwaarde per einde van het boekjaar. Deze laatste wordt uitgesplitst in:
– Kosten van oprichting of kapitaalverhoging, kosten bij uitgifte van leningen, en andere oprichtingskosten;
– Herstructureringskosten.
[...]
II.
Een staat van de immateriële vaste activa (post II van de activa) die een uitsplitsing bevat in:
– Kosten van [...]ontwikkeling;
– Concessies, octrooien, licenties, knowhow, merken en soortgelijke rechten;
– Goodwill;
– Vooruitbetalingen,
en voor elk van deze posten de gegevens vermeldt bedoeld onder de punten a), c) en d) van de hieronder vermelde staat III.
De meerwaarden die werden geboekt vóór het begin van het boekjaar dat ingaat na 31 december 1983 worden onder punt a) vermeld samen met de aanschaffingswaarde bij het begin van dat boekjaar.
III.
Een staat van de materiële vaste activa (post III van de activa) die een uitsplitsing bevat in:
– Terreinen en gebouwen (III.A);
– Installaties, machines en uitrusting (III.B);
– Meubilair en rollend materieel (III.C);
– Leasing en soortgelijke rechten (III.D);
– Overige materiële vaste activa (III.E);
– Activa in aanbouw en vooruitbetalingen (III.F),
en voor elk van deze posten de volgende gegevens vermeldt:
- het bedrag van de aanschaffingswaarde per einde van het vorige boekjaar, de mutaties ervan tijdens het boekjaar (aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa, overdrachten en buitengebruikstellingen, overboekingen van een post naar een andere), en het bedrag ervan per einde van het boekjaar;
- het bedrag van de meerwaarden per einde van het vorige boekjaar, de mutaties ervan tijdens het boekjaar (geboekte meerwaarden, meerwaarden verworven van derden, afgeboekte meerwaarden, overboekingen van een post naar een andere) en het bedrag ervan per einde van het boekjaar;
- het bedrag van de afschrijvingen en de waardeverminderingen per einde van het vorige boekjaar, de mutaties ervan tijdens het boekjaar (geboekt of teruggenomen via de resultatenrekening, verworven van derden, afgeboekt, overgeboekt van een post naar een andere) en het bedrag van deze afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar;
- het bedrag van de nettoboekwaarde per einde van het boekjaar.
Voor de rechten waarover de vennootschap beschikt op grond van leasing of een gelijkaardige overeenkomst wordt de nettoboekwaarde op het einde van het boekjaar uitgesplitst in: terreinen en gebouwen; installaties, machines en uitrusting; meubilair en rollend materieel.
IV.
Een staat van de financiële vaste activa (post IV van de activa) die een uitsplitsing bevat in:
A. eensdeels:
– Deelnemingen in verbonden ondernemingen (IV.A.1);
– Andere deelnemingen (IV.B.1);
– Andere aandelen (IV.C.1),
met vermelding voor elk van deze posten van de gegevens bedoeld onder de punten a), b), c) en d) van de hierboven vermelde staat III evenals van de niet opgevraagde bedragen per einde van het vorig boekjaar, de mutaties ervan tijdens het boekjaar en het bedrag ervan per einde van het boekjaar;
B. anderdeels:
– Vorderingen op verbonden ondernemingen (IV.A.2)
– Vorderingen op ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat (IV.B.2);
– Andere vorderingen (IV.C.2),
met vermelding voor elk van deze posten van de nettoboekwaarde per einde van het vorige boekjaar, de mutaties ervan tijdens het boekjaar (toevoegingen, terugbetalingen, geboekte en teruggenomen waardeverminderingen, wisselkoersverschillen, overige), de boekwaarde per einde van het boekjaar en het gecumuleerde bedrag van de waardeverminderingen per einde van het boekjaar.
V.
A. De lijst van de ondernemingen waarin de vennootschap een deelneming bezit in de zin van deze titel, alsmede van de andere ondernemingen waarin de vennootschap maatschappelijke rechten bezit ten belope van ten minste tien procent van het geplaatste kapitaal.
Voor elk van deze ondernemingen moeten de volgende gegevens worden verstrekt: de naam, de zetel en zo het een onderneming naar Belgisch recht betreft, het ondernemingsnummer dat haar werd toegekend door de Kruispuntbank van Ondernemingen ; het aantal maatschappelijke rechten dat rechtstreeks door de vennootschap wordt gehouden en het percentage vertegenwoordigd door dit bezit, evenals het percentage maatschappelijke rechten gehouden door dochtervennootschappen van de vennootschap; het bedrag van het eigen vermogen en het nettoresultaat over het laatste boekjaar waarvoor de jaarrekening beschikbaar is. Het aantal gehouden maatschappelijke rechten en het percentage dat ze vertegenwoordigen worden in voorkomend geval vermeld per soort van uitgegeven maatschappelijke rechten. Dezelfde gegevens worden verstrekt over de rechtstreeks en onrechtstreeks gehouden conversie- en intekenrechten.
Het bedrag van het eigen vermogen en het nettoresultaat over het laatste boekjaar waarvoor de jaarrekening beschikbaar is, mogen worden weggelaten:
- indien de onderneming waarin wordt deelgenomen of waarvan maatschappelijke rechten worden gehouden door consolidatie wordt opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap, opgemaakt en openbaar gemaakt overeenkomstig het Wetboek van Vennootschappen en Titel II van dit boek, of
- indien de betrokken onderneming deze gegevens niet openbaar moet maken; deze uitzondering geldt evenwel niet voor dochtervennootschappen.
Het bedrag van het eigen vermogen en van het nettoresultaat van de buitenlandse ondernemingen wordt uitgedrukt in vreemde munt; deze munt wordt vermeld.
B. De lijst van de ondernemingen waarvoor de vennootschap onbeperkt aansprakelijk is in haar hoedanigheid van onbeperkt aansprakelijke vennoot of lid.
Voor elk van de ondernemingen waarvoor de vennootschap onbeperkt aansprakelijk is worden volgende gegevens verstrekt: de naam, de zetel, de rechtsvorm en zo het een onderneming naar Belgisch recht betreft, het ondernemingsnummer dat haar werd toegekend door de Kruispuntbank van Ondernemingen .
De jaarrekening van elk van de ondernemingen waarvoor de vennootschap onbeperkt aansprakelijk is, wordt bij de jaarrekening van de vennootschap gevoegd en samen hiermee openbaar gemaakt. Op voorwaarde dat zulks in deze staat V.B wordt vermeld, is dit voorschrift echter niet van toepassing:
- wanneer de jaarrekening van deze onderneming wordt openbaar gemaakt op een wijze die strookt met artikel 98 van het Wetboek van Vennootschappen of daadwerkelijk wordt openbaar gemaakt in een andere Lid-Staat van de EEG, zoals voorgeschreven door artikel 3 van de richtlijn 2009/101/EG of
- wanneer de jaarrekening van deze onderneming door integrale of evenredige consolidatie wordt opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap die is opgesteld, gecontroleerd en openbaar gemaakt overeenkomstig het Wetboek van Vennootschappen en Titel II van dit Boek
- wanneer het een maatschap, een tijdelijke handelsvennootschap of stille handelsvennootschap betreft.
VI.
Wat de geldbeleggingen betreft, worden de “overige beleggingen” (post VIII.B. van de activa) uitgesplitst in:
– aandelen, met uitdrukkelijke vermelding van het niet opgevraagde bedrag;
– vastrentende effecten, met afzonderlijke vermelding van de effecten uitgegeven door kredietinstellingen;
– termijnrekeningen op kredietinstellingen, uitgesplitst naar gelang de resterende looptijd of de opzegtermijn hoogstens één maand, meer dan één maand en hoogstens één jaar, of meer dan één jaar bedraagt;
– edele metalen en kunstwerken.
De vergelijkende bedragen over het vorige boekjaar worden vermeld.
VII.
Wat de overlopende rekeningen betreft (post X van de activa), een uitsplitsing van deze post indien daaronder een belangrijk bedrag voorkomt.
VIII.
Een staat met betrekking tot het kapitaal en de aandeelhoudersstructuur , die vermeldt:
A. – het bedrag van het geplaatste kapitaal, evenals de aard en het bedrag van de verschillende wijzigingen daarvan tijdens het boekjaar en het aantal daarbij betrokken aandelen;
– de samenstelling van het kapitaal bij de jaarafsluiting; indien er verschillende soorten aandelen bestaan die het kapitaal vertegenwoordigen, het aantal aandelen van elke soort en het kapitaalbedrag dat ze vertegenwoordigen;
– de uitsplitsing van het kapitaal in aandelen op naam of gedematerialiseerde aandelen ;
B. het bedrag van het niet opgevraagde kapitaal en van het opgevraagde, niet gestorte kapitaal naast de lijst bedoeld in artikel 479 van het Wetboek van Vennootschappen, indien dit artikel op de vennootschap toepasselijk is;
C. het aantal eigen aandelen dat respectievelijk door de vennootschap zelf en door haar dochters wordt gehouden, evenals het kapitaalbedrag vertegenwoordigd door deze aandelen;
D. de verplichtingen tot uitgifte van aandelen als gevolg van de uitoefening van conversie- of inschrijvingsrechten, met vermelding van het bedrag van de lopende converteerbare leningen, van het aantal inschrijvingsrechten in omloop, van het maximum aantal uit te geven aandelen en van het overeenstemmende bedrag te plaatsen kapitaal;
E. het bedrag van het toegestane, niet geplaatste kapitaal;
F. het aantal uitgegeven aandelen buiten kapitaal, het daaraan verbonden stemrecht, alsmede, in voorkomend geval, het aantal van deze aandelen dat respectievelijk door de vennootschap zelf en door haar dochters wordt gehouden;
G. de aandeelhoudersstructuur van de vennootschap op de datum van jaarafsluiting, met de volgende indeling:
– aandeelhoudersstructuur van de vennootschap op de datum van de jaarafsluiting, zoals die blijkt uit de kennisgevingen die de vennootschap heeft ontvangen ingevolge artikel 631, § 2, laatste lid en artikel 632, § 2, laatste lid van het Wetboek van vennootschappen;
– aandeelhouderstructuur van de vennootschap op de datum van de jaarafsluiting, zoals die blijkt uit de kennisgevingen die de vennootschap heeft ontvangen ingevolge artikel 14, vierde lid van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen of ingevolge artikel 5 van het koninklijk besluit van 21 augustus 2008 houdende nadere regels betreffende bepaalde multilaterale handelsfaciliteiten.
IX.
Wat de voorzieningen voor risico's en kosten (post VII van de passiva) betreft, een uitsplitsing van post “VII.D. Overige risico's en kosten” wanneer onder deze post een belangrijk bedrag voorkomt.
X.
Een staat van de schulden, die vermeldt:
A. een uitsplitsing, per post van post VIII van de passiva, van de schulden met een oorspronkelijke looptijd van meer dan één jaar, naargelang hun resterende looptijd hoogstens één jaar, meer dan één jaar doch hoogstens vijf jaar, of meer dan vijf jaar bedraagt;
B. het bedrag van de schulden (posten VIII en IX van de passiva) of van het gedeelte van de schulden die gewaarborgd zijn door:
- Belgische overheidsinstellingen;
- zakelijke zekerheden gesteld of onherroepelijk beloofd op activa van de vennootschap.
De bevoorrechte schulden worden niet opgenomen onder de gewaarborgde schulden tenzij het gaat om het voorrecht van de verkoper. Het eigendomsvoorbehoud wordt gelijkgesteld met een zakelijke zekerheid.
De bedragen bedoeld onder 1° en 2° worden uitgesplitst per post voorzien in de rubrieken VIII en IX van de passiva, maar zonder onderscheid naar gelang van hun termijn.
C. 1. Wat de schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten betreft (post IX.E. van de passiva), het bedrag van de vervallen schulden (ongeacht of uitstel van betaling is verkregen) ten aanzien van:
- het belastingbestuur;
- de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
2. Wat de belastingen betreft (post IX.E.1. van de passiva), een uitsplitsing tussen de te betalen belastingen en de geschatte belastingschulden.
De inlichtingen bedoeld onder de punten A. en B., 1° en 2°, van deze staat alsmede de inlichtingen bedoeld onder punt A.2 van staat XVII mogen worden verstrekt in de vorm van een opsomming van de schulden op meer dan één jaar en van de gewaarborgde schulden met de vermelding voor elke schuld van haar aard overeenkomstig de balansposten, haar vervaldag en de verstrekte waarborgen.
XI.
Wat de overlopende rekeningen betreft (post X van de passiva), een uitsplitsing van deze post indien daaronder een belangrijk bedrag voorkomt.
XII.
De volgende gegevens met betrekking tot de bedrijfsresultaten over het boekjaar en over het vorige boekjaar:
A. een uitsplitsing van de netto-omzet (post I.A.) naar categorie bedrijfsactiviteit en naar geografische markten, voor zover deze categorieën en markten, vanuit het oogpunt van de organisatie van de verkoop van goederen en de verlening van diensten in het kader van de normale bedrijfsuitoefening van de vennootschap, onderling aanzienlijke verschillen te zien geven;
[...]
B. wat de andere bedrijfsopbrengsten betreft (post I.D.), het totaal bedrag van de subsidies ( andere dan investeringssubsidies) en van de vanwege de overheid ontvangen compenserende bedragen;
C. wat personeel en personeelskosten betreft:
1° de volgende gegevens over het boekjaar en over het vorig boekjaar met betrekking tot de werknemers waarvoor de vennootschap een DIMONA-verklaring (onmiddellijke aangifte van tewerkstelling) heeft ingediend bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) conform de bepalingen van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling of, indien de tewerkstelling uitgesloten is van het toepassingsgebied van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, de volgende gegevens over het boekjaar en over het vorig boekjaar met betrekking tot de werknemers ingeschreven in het algemeen personeelsregister, en verbonden met de vennootschap door een arbeidsovereenkomst of een startbaanovereenkomst:
- het totale aantal op afsluitingsdatum van het boekjaar;
- het gemiddelde personeelsbestand berekend in voltijdse equivalenten overeenkomstig artikel 15, § 5, van het Wetboek van Vennootschappen ;
- het aantal gepresteerde uren berekend overeenkomstig afdeling IV, onderafdeling III, B, 5°, van dit hoofdstuk.
2° een uitsplitsing van de bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen (post II.C.) naar volgend schema:
- bezoldigingen en rechtstreekse sociale voordelen;
- patronale bijdragen voor sociale verzekeringen;
- patronale premies voor buitenwettelijke verzekeringen;
- andere personeelskosten;
- pensioenen;
3° de voorzieningen voor pensioenen (toevoegingen +; bestedingen en terugnemingen -);
D. wat betreft de waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen (post II.E.) het respectievelijk bedrag van de geboekte waardeverminderingen eensdeels, en van de terugnemingen van waardeverminderingen anderdeels, uitgesplitst naar:
- voorraden en bestellingen in uitvoering;
- handelsvorderingen;
E. wat de voorzieningen voor risico's en kosten betreft (post II.F.), een uitsplitsing van het bedrag naar toevoegingen eensdeels en bestedingen en terugnemingen anderdeels;
F. wat de andere bedrijfskosten betreft (post II.G.) een uitsplitsing naargelang het belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening zijn of andere kosten;
G. de volgende gegevens over het boekjaar en het vorige boekjaar met betrekking tot de uitzendkrachten en de ter beschikking van de vennootschap gestelde personen:
- het totale aantal op afsluitingsdatum van het boekjaar;
- het gemiddelde aantal berekend in voltijdse equivalenten op dezelfde wijze als die gebruikt voor de werknemers waarvoor de vennootschap een DIMONA-verklaring heeft ingediend bij de RSZ conform de bepalingen van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling of, indien de tewerkstelling uitgesloten is van het toepassingsgebied van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, het gemiddelde aantal berekend in voltijdse equivalenten op dezelfde wijze als die gebruikt voor de werknemers ingeschreven in het algemeen personeelsregister.
XIII.
De volgende gegevens betreffende de financiële resultaten van het boekjaar en van het voorafgaande boekjaar:
- wat de andere financiële opbrengsten betreft (post IV.C.), het bedrag van de geboekte kapitaal- en interestsubsidies door de overheid toegekend en aangerekend op het resultaat van het boekjaar, alsmede een uitsplitsing van de overige financiële opbrengsten die onder deze post werden opgenomen, indien het belangrijke bedragen betreft;
- wat de kosten van schulden betreft (post V.A.), het bedrag van de geactiveerde interesten;
- wat betreft de waardeverminderingen op vlottende activa (post V.B.), het respectievelijk bedrag van de waardeverminderingen en van de terugnemingen van waardeverminderingen;
- wat de andere financiële kosten betreft (post V.C.), het bedrag van het disconto ten laste van de vennootschap bij de verhandeling van vorderingen (handelseffecten, facturen en andere vorderingen), het bedrag van de gevormde, aangewende en teruggenomen voorzieningen met financieel karakter alsmede een uitsplitsing van de overige onder deze post opgenomen kosten, indien het om belangrijke bedragen gaat.
XIV.
Wat de niet-recurrente resultaten betreft, indien het om belangrijke bedragen gaat, een uitsplitsing van:
A. Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten (post I. E.) in:
- Terugneming van afschrijvingen en van waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa;
- Terugneming van voorzieningen voor uitzonderlijke risico's en kosten;
- Meerwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa;
- Andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten.
B. Niet-recurrente bedrijfskosten (post II. I.) in:
- Uitzonderlijke afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa;
- Voorzieningen voor uitzonderlijke risico's en kosten;
- Minderwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa;
- Andere niet-recurrente bedrijfskosten;
- Als herstructureringskosten geactiveerde niet-recurrente kosten (-).
C. Niet-recurrente financiële opbrengsten (post IV. D.) in:
- Terugneming van waardeverminderingen op financiële vaste activa;
- Meerwaarden bij realisatie van financiële vaste activa;
- Andere niet-recurrente financiële opbrengsten.
D. Niet-recurrente financiële kosten (post V. D.) in:
- Waardeverminderingen op financiële vaste activa;
- Minderwaarden bij realisatie van financiële vaste activa;
- Andere niet-recurrente financiële kosten.
XV.
Wat de belastingen op het resultaat betreft ( post VIII. ), de volgende gegevens:
A. een uitsplitsing van de belastingen op het resultaat in:
1° belastingen op het resultaat van het boekjaar, uitgesplitst naar:
- verschuldigde of betaalde belastingen en voorheffingen;
- geactiveerde overschotten van betaalde belastingen en voorheffingen (-);
- geraamde belastingsupplementen (opgenomen onder post IX.E.1. van de passiva);
2° belastingen op het resultaat van vorige boekjaren uitgesplitst naar:
- verschuldigde of betaalde belastingsupplementen;
- geraamde belastingsupplementen (opgenomen onder post IX.E.1. van de passiva) of belastingsupplementen waarvoor een voorziening werd gevormd (opgenomen onder post VII van de passiva);
B. in de mate waarin het resultaat van het boekjaar op belangrijke wijze werd beïnvloed op het stuk van de belastingen, door een verschil tussen de winst vóór belastingen, zoals deze blijkt uit de jaarrekening en de geraamde belastbare winst, worden de belangrijkste oorzaken van dit verschil aangeduid met bijzondere vermelding van deze die voortspruiten uit het tijdverschil tussen de vaststelling van de boekwinst en de fiscale winst;
C. aanduidingen over de invloed van de niet-recurrente resultaten op de belastingen op het resultaat van het boekjaar;
D. in de mate waarin deze informatie belangrijk is om een inzicht te verkrijgen in de financiële positie van de vennootschap worden inlichtingen verstrekt over de bronnen, op het einde van het boekjaar, van belastinglatenties. In het bijzonder worden als bronnen van actieve belastinglatenties vermeld, de gecumuleerde fiscale verliezen die aftrekbaar zijn van latere belastbare winsten.
XVI.
De vermelding van het bedrag, voor het boekjaar en voor het vorige boekjaar, van de andere taksen en belastingen ten laste van derden, waarbij worden onderscheiden:
A. de belasting over de toegevoegde waarde, de egalisatiebelasting en de speciale taks in rekening gebracht tijdens het boekjaar:
- aan de vennootschap (aftrekbaar);
- door de vennootschap;
B. de ingehouden bedragen ten laste van derden bij wijze van:
- bedrijfsvoorheffing;
- roerende voorheffing.
XVII.
De volgende gegevens met betrekking tot niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen:
A. 1. het bedrag van de persoonlijke zekerheden die door de vennootschap werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van derden, met afzonderlijke vermelding van de door de vennootschap geëndosseerde handelseffecten in omloop, van de door de vennootschap getrokken of voor aval getekende handelseffecten alsmede het maximumbedrag ten belope waarvan andere verplichtingen van derden door de vennootschap zijn gewaarborgd;
2. het bedrag van de zakelijke zekerheden die door de vennootschap werden gesteld of onherroepelijk beloofd op haar eigen activa als waarborg voor eigen schulden en verplichtingen eensdeels en voor schulden en verplichtingen van derden anderdeels, met volgende vermeldingen:
– wat de hypotheken betreft, de boekwaarde van de bezwaarde activa en het bedrag van de hypothecaire inschrijving;
– wat het pand op het handelsfonds betreft, het bedrag van de inschrijving;
– wat het pand (met inbegrip van het eigendomsvoorbehoud) betreft op andere activa, de boekwaarde van de in pand gegeven activa;
– wat de zekerheden betreft op nog door de onderneming te verwerven activa, het bedrag van de betrokken activa;
3. de goederen en waarden gehouden door derden in hun naam maar ten bate en op risico van de vennootschap, voorzover deze goederen en waarden niet in de balans zijn opgenomen;
4. de belangrijke verplichtingen tot aan- of verkoop van vaste activa, uitgesplitst naar verplichtingen tot aankoop en verplichtingen tot verkoop;
5. het bedrag van de termijnverrichtingen, met afzonderlijke vermelding van het bedrag der gekochte (te ontvangen) goederen, van de verkochte (te leveren) goederen, van de gekochte (te ontvangen) deviezen en van de verkochte (te leveren) deviezen;
B. inlichtingen betreffende de technische waarborgen verbonden met reeds gepresteerde verkopen of diensten;
C. het bedrag, de aard en de vorm van belangrijke hangende geschillen en andere belangrijke verplichtingen die hierboven niet zijn bedoeld;
D. indien ten behoeve van de personeels- of directieleden van de vennootschap is voorzien in een aanvullend rust- of overlevingspensioen, een beknopte beschrijving van de desbetreffende regeling met opgave van de maatregelen die de vennootschap heeft genomen om de daaruit voortvloeiende kosten te dekken. Wat de pensioenen betreft die door de vennootschap zelf worden gedragen wordt het bedrag geschat van de verplichtingen die voortvloeien uit reeds gepresteerd werk met een korte beschrijving van de wijze waarop dit bedrag wordt berekend;
E. de aard en de financiële gevolgen van materiële gebeurtenissen die zich na balansdatum hebben voorgedaan en die niet in de resultatenrekening of balans worden weergegeven;
F. verplichtingen betreffende de aan- of verkoopverbintenissen die de vennootschap als optieschrijver van call- en putopties heeft.
XVIIbis.
Aard en zakelijk doel van buitenbalans regelingen.
De aard en het zakelijke doel van de regelingen van de vennootschappen die niet in de balans zijn opgenomen, en de financiële gevolgen van deze regelingen voor de vennootschap, mits de risico's of voordelen die uit dergelijke regelingen voortvloeien van enige betekenis zijn en voor zover de openbaarmaking van dergelijke risico's of voordelen noodzakelijk is voor de beoordeling van de financiële positie van de vennootschap.
XVIII.
Een staat over de betrekkingen met verbonden ondernemingen, geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat. Voor de verbonden ondernemingen wordt zowel voor het afgesloten boekjaar als voor het vorige boekjaar vermeld:
- het bedrag van de financiële vaste activa waarbij worden onderscheiden de deelnemingen, de achtergestelde vorderingen en de andere vorderingen;
- het bedrag van de vorderingen respectievelijk op meer dan één jaar en op hoogstens één jaar;
- de geldbeleggingen met een onderscheid tussen aandelen en vorderingen;
- het bedrag der schulden respectievelijk op meer dan één jaar en op hoogstens één jaar;
- het bedrag van de persoonlijke en zakelijke zekerheden die door de vennootschap werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van verbonden ondernemingen alsmede het bedrag van de persoonlijke en zakelijke zekerheden die door verbonden ondernemingen werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van de vennootschap;
- de andere betekenisvolle financiële verplichtingen;
- de financiële resultaten waarbij worden onderscheiden inzake de opbrengsten:
– de opbrengsten uit financiële vaste activa,
– de opbrengsten uit vlottende activa,
– de andere financiële opbrengsten, en inzake de kosten:
– de kosten van schulden,
– de andere financiële kosten;
8. de meer- en minderwaarden die werden verwezenlijkt bij de realisatie van vaste activa.
De vermeldingen bedoeld onder 1., 2., 4., 5. en 6. moeten eveneens worden verstrekt voor de geassocieerde ondernemingen.
De vermeldingen bedoeld onder 1., 2. en 4. moeten eveneens worden verstrekt voor de ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat.
Indien de vennootschap een moedervennootschap is in de zin van artikel 6 van het Wetboek van Vennootschappen, vermeldt de staat of zij een geconsolideerde jaarrekening en een geconsolideerd jaarverslag opstelt en openbaar maakt. Wanneer zij met toepassing van de artikelen 110, tweede lid, 112 en 113 van voornoemd Wetboek geen geconsolideerde jaarrekening noch een geconsolideerd jaarverslag opstelt, vermeldt de staat de reden waarom; bij toepassing van artikel 113 van voornoemd Wetboek worden de naam en de zetel, en als het een onderneming naar Belgisch recht betreft het ondernemingsnummer dat haar werd toegekend door de Kruispuntbank van Ondernemingen , vermeld van de moederonderneming die de geconsolideerde jaarrekening opmaakt en openbaar maakt en wordt inzonderheid aangetoond dat aan de voorwaarden van artikel 113, paragrafen 2 en 3, van voornoemd Wetboek is voldaan.
Indien de vennootschap een dochteronderneming is van een andere onderneming of een gemeenschappelijke dochteronderneming van verschillende ondernemingen, vermeldt de staat de naam en de zetel, en zo het gaat om een onderneming naar Belgisch recht, het ondernemingsnummer dat haar werd toegekend door de Kruispuntbank van Ondernemingen , van de onderneming(en) waarvan zij de dochteronderneming of de gemeenschappelijke dochteronderneming is en of deze moederondernemingen een geconsolideerde jaarrekening opstellen waarin de jaarrekening van de vennootschap door consolidatie wordt opgenomen. Als dat zo is, vermeldt de staat, tenzij het om een moederonderneming naar Belgisch recht gaat, de plaats waar deze geconsolideerde jaarrekening verkrijgbaar is. Wordt de jaarrekening van de vennootschap op verschillende niveaus geconsolideerd, dan worden de in dit lid bedoelde gegevens verstrekt, enerzijds, voor het grootste geheel en, anderzijds, voor het kleinste geheel van ondernemingen waarvan de vennootschap als dochter deel uitmaakt en waarvoor een geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld en openbaar gemaakt.
XVIIIbis.
Transacties met verbonden partijen buiten normale marktvoorwaarden
De vermelding van de transacties die door de vennootschap zijn aangegaan met verbonden partijen, met inbegrip van het bedrag van dergelijke transacties, de aard van de betrekking met de verbonden partij, alsmede andere informatie over de transacties die nodig is voor het verkrijgen van inzicht in de financiële positie van de vennootschap, te vermelden indien dergelijke transacties van enige betekenis zijn en niet onder normale marktvoorwaarden zijn verricht. Informatie over individuele transacties kan overeenkomstig de aard daarvan worden samengevoegd, behalve wanneer gescheiden informatie nodig is voor het verkrijgen van inzicht in de gevolgen van transacties met verbonden partijen voor de financiële positie van de vennootschap.
Deze informatie is niet vereist voor transacties die zijn aangegaan tussen twee of meer leden van een groep, mits de dochterondernemingen die partij zijn bij de transactie, geheel in eigendom zijn van een dergelijk lid.
Onder verbonden partij wordt hetzelfde verstaan als in de internationale standaarden voor jaarrekeningen die zijn goedgekeurd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1606/2002.
XIX. Financiële betrekkingen met bestuurders, zaakvoerders en commissarissen
A. De volgende gegevens over bestuurders en zaakvoerders:
– het bedrag per einde van het boekjaar van de op hen uitstaande vorderingen, alsmede de in hun voordeel toegestane waarborgen en de andere betekenisvolle verplichtingen aangegaan in hun voordeel, met vermelding van de rente en de duur van deze vorderingen, de belangrijkste voorwaarden en de eventuele afgeloste bedragen of bedragen waarvan werd afgezien;
– het bedrag van de rechtstreekse en onrechtstreekse bezoldigingen en van de ten laste van de resultatenrekening toegekende pensioenen, respectievelijk aan bestuurders en zaakvoerders en aan oud-bestuurders en zaakvoerders, voor zover deze vermelding niet uitsluitend of hoofdzakelijk betrekking heeft op de toestand van een enkel identificeerbaar persoon.
De gegevens bedoeld achter het eerste streepje van het eerste lid moeten eveneens worden verstrekt voor de vorderingen, waarborgen en betekenisvolle verplichtingen die werden aangegaan in het voordeel van natuurlijke of rechtspersonen die de vennootschap rechtstreeks of onrechtstreeks controleren maar geen verbonden ondernemingen zijn in de zin van dit besluit, alsmede in het voordeel van de andere ondernemingen die hogergenoemde personen rechtstreeks of onrechtstreeks controleren. Deze gegevens mogen samen met de achter het eerste streepje van het eerste lid bedoelde gegevens worden verstrekt.
B. De volgende gegevens over de commissaris en over de personen met wie hij verbonden is:
– de bezoldiging van de commissaris;
– de bezoldiging voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap door de commissaris, volgens de volgende categorieën: andere controle-opdrachten, belastingadviesopdrachten, en andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten;
– de bezoldiging voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap door personen met wie de commissaris verbonden is, volgens de volgende categorieën: andere controle-opdrachten, belastingadviesopdrachten, en andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten;
– de vermeldingen vereist in toepassing van artikel 133, paragraaf 6 van het Wetboek van vennootschappen.
C. De volgende gegevens over:
– een Belgische vennootschap, die zelf geen dochtervennootschap is van een Belgische vennootschap, onderworpen aan de wettelijke controle van haar geconsolideerde jaarrekening, die evenwel gebruik maakt van de vrijstelling voorzien in de artikelen 110, tweede lid, 112 of 113 van het Wetboek van vennootschappen en bijgevolg geen geconsolideerde jaarrekening opstelt:
– de bezoldigingen verbonden aan de mandaten van commissaris in de vennootschap en haar dochtervennootschappen;
– de bezoldigingen verbonden aan uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap en binnen haar dochtervennootschappen door de commissaris volgens de volgende categorieën: andere controle-opdrachten, belastingadviesopdrachten en andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten;
– de bezoldigingen verbonden aan gelijkgestelde mandaten uitgevoerd door een met de commissaris verbonden persoon;
– de bezoldigingen verbonden aan uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap en binnen haar dochtervennootschappen door een met de commissaris verbonden persoon volgens de volgende categorieën: andere controle-opdrachten, belastingadviesopdrachten en andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten;
– de verantwoording van de afwijking bedoeld in artikel 133, § 6 van het Wetboek van Vennootschappen op artikel 133, § 5 van hetzelfde wetboek betreffende de hoogte van de bezoldigingen verbonden aan uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten ten opzichte van de bezoldigingen voor het mandaat van commissaris.
XX.
De volgende gegevens betreffende het niet-gebruik van de waarderingsmethode op basis van de reële waarde.
In geval van niet-gebruik van de waarderingsmethode op basis van de reële waarde voor de financiële instrumenten: voor iedere categorie afgeleide financiële instrumenten, voor het boekjaar en het vorig boekjaar, een overzicht van de omvang en de aard van de instrumenten, het ingedekte risico en een vergelijking tussen de boekwaarde en de reële waarde van de instrumenten indien een dergelijke waarde kan worden bepaald middels een van de in artikel 97. C. voorgeschreven methoden.
Voor financiële vaste activa die in aanmerking worden genomen tegen een hoger bedrag dan hun reële waarde: de boekwaarde en de reële waarde van de afzonderlijke activa, dan wel van passende groepen van deze afzonderlijke activa en de redenen waarom de boekwaarde niet is verminderd, met opgave van de aard van de aanwijzingen die aan de veronderstelling ten grondslag liggen dat de boekwaarde zal kunnen worden gerealiseerd.
[...]