Artikel 39

De vennootschap eindigt:

  1. door verloop van de tijd waarvoor zij is aangegaan;
  2. door het tenietgaan van de zaak, of door het voltrekken van de handeling;
  3. door de dood van een van de vennoten;
  4. door de onbekwaamverklaring of het kennelijk onvermogen van een van hen;
  5. door de verklaring van een of meer vennoten, dat zij niet langer tot de vennootschap willen behoren.