COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

CBN-advies 2018/03 – Zetelverplaatsing naar België (inbound) – Verschil in waarderingsregels ten opzichte van het boekhoudkundig referentiestelsel van de Staat van herkomst

Advies van 18 april 20181

Inleiding

Aan de Commissie voor boekhoudkundige normen werd een vraag gesteld over de gevolgen naar Belgisch boekhoudrecht van een zetelverplaatsing vanuit een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte of een derde Staat naar België2 (immigratie - inbound).3

In dit advies wordt in het bijzonder ingegaan op de boekhoudkundige verwerking van eventuele verschillen in waarderingsregels tussen de Staat van herkomst en België.

De Commissie verwijst voor het overige naar haar advies 2011/2 waarin de gevolgen worden onderzocht van een zetelverplaatsing naar België voor wat betreft het voeren van de boekhouding en het opstellen van de jaarrekening.4

Dit advies heeft enkel betrekking op de toepassing van het Belgisch boekhoudrecht op de hierboven bedoelde verrichting en niet op de specifieke fiscaalrechtelijke5 of vennootschapsrechtelijke aspecten.

Juridische en boekhoudkundige continuïteit van de zetelverplaatsing

Onder bepaalde voorwaarden behoudt een vennootschap opgericht naar buitenlands recht die haar zetel naar België overbrengt, haar rechtspersoonlijkheid.6

De Commissie heeft in haar voormeld advies 2011/2 nader uitleg gegeven over de boekingsbeginselen van de verrichtingen, in functie van hun aard en van het ogenblik waarop ze zich voordoen ten opzichte van de zetelverplaatsing, namelijk:

  1. de verrichtingen die dateren van vóór de zetelverplaatsing moeten worden geboekt volgens de boekhoudregels van de Staat van herkomst;
  2. de verrichtingen die volgens het Belgisch boekhoudrecht de balans gedurende meerdere boekjaren kunnen beïnvloeden, moeten worden geboekt overeenkomstig de Belgische regelgeving, zelfs al werden zij gerealiseerd vóór de zetelverplaatsing;
  3. de verrichtingen na de zetelverplaatsing worden geboekt overeenkomstig de regels van het Belgisch boekhoudrecht.

In geval van juridische continuïteit en ook al bevat het Belgische boekhoudrecht geen specifiek voorschrift over zetelverplaatsing, is de Commissie van oordeel dat de boekhouding in principe mag worden overgebracht naar België, mits de nodige aanpassingen worden doorgevoerd overeenkomstig het Belgisch boekhoudrecht (beginsel van de boekhoudkundige continuïteit).7

Een zetelverplaatsing wijzigt in geen enkel opzicht de vermogenssituatie van de vennootschap. Een dergelijke overdracht geeft immers geen aanleiding tot een resultaat in het Belgisch boekhoudrecht; deze overdracht betekent in principe dat de verschillende elementen van de activa en passiva van de vennootschap, met inbegrip van de verschillende elementen van het eigen vermogen, de afschrijvingen, de waardeverminderingen en de voorzieningen die de vennootschap heeft gevormd, de rechten en verplichtingen alsook de opbrengsten en kosten van het boekjaar worden overgedragen naar de boekhouding die wordt opgesteld overeenkomstig de Belgische wetgeving, aan de waarde waartegen deze elementen voorkomen in de boekhouding die is opgesteld overeenkomstig het buitenlands recht op het moment van de zetelverplaatsing.

Het bestuursorgaan zal echter, in voorkomend geval, de waarderingsregels van de vennootschap moeten aanpassen om ze in overeenstemming te brengen met de Belgische boekhoudrechtelijke bepalingen van het uitvoeringsbesluit van het Wetboek van vennootschappen (hierna: KB W.Venn.).8,9

Indien de vennootschap, vóór de zetelverplaatsing, de boekhouding voerde en de jaarrekening opstelde in een andere valuta dan de euro, moet de vennootschap in principe de boekhouding en de jaarrekening omzetten in euro.10 De Commissie is van mening dat de vennootschap de wisselkoers moet toepassen die geldt op de datum van de zetelverplaatsing, en niet de wisselkoers die geldt op de datum van de notariële akte die de zetelverplaatsing vaststelt, indien deze twee data niet samenvallen.

Om de toepasbare wisselkoers te bepalen, verwijst de Commissie naar haar CBN-advies 172/111 dat enerzijds de monetaire/niet-monetaire methode, en anderzijds de methode van de slotkoers/netto-investeringen beschouwt. In het kader van een zetelverplaatsing, meent de Commissie dat de monetaire/niet-monetaire methode de voorkeur moet genieten.

Boekhoudkundige continuïteit en verschil in waarderingsregels tussen de Staat van herkomst en België

Voorafgaande opmerking

In dit advies wordt enkel het geval besproken van een waarderingsverschil vóór de zetelverplaatsing als gevolg van een verschil in waarderingsregels tussen de Staat van herkomst en België. Het advies houdt geen rekening met gevolgen van de fiscale behandeling toegepast door de Staat van herkomst naar aanleiding van deze zetelverplaatsing.

Het beginsel: de boekhoudkundige continuïteit

Volgens de Commissie is het beginsel van de boekhoudkundige continuïteit toepasbaar op een zetelverplaatsing voltrokken met juridische continuïteit, zelfs indien er zich waarderingsverschillen voordoen die voortvloeien uit een verschil in waarderingsregels tussen de Staat van herkomst en België.

Als de toestand bij de aanvang en de toestand bij de afsluiting van het boekjaar hierdoor eventueel moeilijk vergelijkbaar zijn, moet hiervan melding worden gemaakt in de toelichting bij de jaarrekening.12

Als voorbeeld wordt het geval van de kosten van uitgifte van een lening met looptijd 10 jaar aangehaald. Er wordt verondersteld dat de vennootschap, in de Staat van herkomst, deze kosten activeert onder de oprichtingskosten en ze afschrijft over een periode van 5 jaar. Er dient te worden verondersteld dat de zetelverplaatsing heeft plaatsgevonden tijdens het vierde jaar. De vennootschap kan overeenkomstig artikel 59 van het KB W.Venn. beslissen om de overblijvende waarde van deze kosten af te schrijven over de volledige looptijd van de lening, namelijk over een resterende periode van 7 jaar. In dat geval zal de vennootschap dit verschil in waardering moeten verklaren in de toelichting.

De Commissie doet opmerken dat, indien de wetgeving van de Staat van herkomst een keuze biedt tussen twee waarderingsmethodes waarvan er één overeenstemt met de Belgische regels, de vennootschap kan beslissen om haar waarderingsregels aan te passen vóór de zetelverplaatsing om zo de methode toe te passen die verenigbaar is met de Belgische wetgeving. Op die manier kan de vennootschap de bovengenoemde waarderingsverschillen en moeilijkheden met betrekking tot de vergelijkbaarheid beperken of vermijden.

Uitzondering in geval van verschil in waarderingsregels dat een schending van het Belgisch boekhoudrecht kan inhouden

Bij uitzondering op het beginsel van de boekhoudkundige continuïteit is de Commissie van mening dat bepaalde waarderingsverschillen tussen het buitenlands en het Belgisch boekhoudkundig referentiestelsel het nodig maken om de balansen op basis van de openingsbalans aan te passen.13 De bedoeling is dan om deze balansen in overeenstemming te brengen met de balansen zoals die eruit zouden hebben gezien indien de Belgische boekhoudregels van meet af aan waren toegepast.

De Commissie verwijst in dit verband naar haar voormeld advies 2011/2:

“De Commissie is evenwel van oordeel dat, met het oog op het verschaffen van meer betekenisvolle informatie aan de lezer, het hoogst aangewezen is de vergelijkende cijfers van het voorgaande boekjaar aan te passen, gezien het beginsel van de continuïteit van de vennootschap die haar hoofdzetel verplaatst.

Om de vergelijkbaarheid van de opeenvolgende jaarrekeningen te waarborgen, dienen de cijfers van het voorgaande boekjaar zo te worden aangepast dat daaruit blijkt hoe de vermogenstoestand en de resultaten van de onderneming er zouden hebben uitgezien indien de zetelverplaatsing zich reeds had voorgedaan in het voorafgaande boekjaar. Dit veronderstelt een herberekening van de cijfers van het voorafgaande boekjaar op grond van de Belgische waarderingsregels.

Bovendien moeten de aanpassingen, behalve indien zij onbelangrijk zijn, in de toelichting vermeld worden, en onder verwijzing naar de betrokken rubrieken, toegelicht [bij de waarderingsregels]14. De Commissie is van mening dat de vergelijkbaarheid het best kan bereikt worden door het opnemen van een concordantietabel in de toelichting.”15

De Commissie meent dat een dergelijke uitzondering op het beginsel van de boekhoudkundige continuïteit slechts verantwoord is onder de volgende twee cumulatieve voorwaarden:

  1. de afwijkende waarderingsregels hebben betrekking op verrichtingen die volgens het Belgische boekhoudrecht de balans gedurende meerdere boekjaren kunnen beïnvloeden en die dus moeten worden uitgedrukt in de boekhouding overeenkomstig de Belgische regelgeving, zelfs al werden zij gerealiseerd vóór de zetelverplaatsing (zie supra, nr. 4, b); en
  2. de overdracht van deze verrichtingen met boekhoudkundige continuïteit zou, bij de zetelverplaatsing, ertoe leiden dat de waardering die moet worden opgenomen in de openingsbalans in strijd is met de waarderingsregels van het Belgisch boekhoudrecht.

De Commissie meent dat de daaropvolgende boekhoudkundige herwerkingen rechtstreeks moeten worden uitgevoerd door, desgevallend, naar de keuze van de vennootschap, het kapitaal, de uitgiftepremies, de belastingvrije reserves en/of de beschikbare reserves16 te crediteren of te debiteren.1718

Indien het verschil in waardering voortvloeit uit een herwaarderingsmeerwaarde, geboekt overeenkomstig het buitenlandse boekhoudrecht die niet mag worden behouden overeenkomstig het Belgische boekhoudrecht (wanneer niet werd voldaan aan de voorwaarden uit artikel 57 of 100 KB W.Venn.19), gebeurt de daaropvolgende boekhoudkundige herwerking evenwel door het debiteren van de rekening 12 Herwaarderingsmeerwaarden tot een bedrag van het nog niet afgeschreven gedeelte20 en/of als de herwaarderingsmeerwaarde in het kapitaal werd opgenomen, door het debiteren van de rekening 10 Kapitaal voor het nog niet afschreven gedeelte21.

De Commissie merkt op dat, in een Europese context, de boekhoudkundige herwerkingen zeer beperkt zullen zijn als gevolg van de harmonisering van de waarderingsregels door voornoemde Richtlijn 2013/34/EU.

Het voorbeeld kan worden aangehaald van een deelneming die als financieel vast actief wordt geboekt op de balans van de vennootschap die haar zetel naar België overbrengt. 22

Er wordt verondersteld dat de Staat van herkomst het fair value-model toepast voor een dergelijk actief en dat de reële waarde van het vast actief hoger is dan de aanschaffingswaarde ervan. Er wordt eveneens verondersteld dat het actief wordt geboekt tegen reële waarde zonder dat een herwaarderingsmeerwaarde werd geboekt.

Naar Belgisch boekhoudrecht dient het financieel vast actief in beginsel te worden geboekt tegen aanschaffingswaarde.23 De vennootschap kan evenwel een herwaarderingsmeerwaarde boeken met naleving van artikel 57 KB W.Venn.

Zou in casu niet worden voldaan aan de voorwaarden van artikel 57 KB W.Venn., dan zou het behoud van het financieel vast actief tegen reële waarde in de openingsbalans een schending van het Belgisch boekhoudrecht betekenen. De vennootschap zou bijgevolg, naar mening van de Commissie, de boekwaarde van het financieel vast actief moeten herwerken zodat dit actief wordt geboekt tegen aanschaffingswaarde, namelijk (i) een bedrag boeken op de creditzijde van de relevante rekening van de rubriek 28 Financiële vaste activa dat overeenstemt met het verschil tussen de reële waarde van het financieel vast actief en de aanschaffingswaarde ervan en (ii) naar haar keuze24 de rekening(en) 10 Kapitaal, 11 Uitgiftepremies, 132 Belastingvrije reserves en/of 133 Beschikbare reserves dienovereenkomstig debiteren.

 

  • 1. Onderhavig advies is tot stand gekomen nadat een ontwerp van het advies op 15 januari 2018 ter consultatie werd gepubliceerd op de website van de CBN.
  • 2. Onder derde Staat wordt in onderhavig advies elke Staat bedoeld die geen lid is van de Europese Economische Ruimte en waarvan in het boekhoudrecht, zoals in die Staat geldt voor de vennootschap tot aan de zetelverplaatsing, gelijkaardige vereisten worden voorzien als de vereisten die worden bepaald door de Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en van de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, inzake de indeling, de inhoud en de openbaarmaking van de financiële overzichten, bestuursverslagen en de waarderingsregels. Volgens de Commissie kan het beginsel van boekhoudkundige continuïteit, waarvan sprake in onderhavig advies, niet worden toegepast op zetelverplaatsingen vanuit een Staat die niet wordt aangemerkt als een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of als een hierboven bedoelde derde Staat.
  • 3. In onderhavig advies worden de boekhoudkundige gevolgen onderzocht van de zetelverplaatsing in de veronderstelling dat de werkelijke zetel en de statutaire zetel worden overgedragen naar België.
  • 4. CBN-advies 2011/2 - Zetelverplaatsing naar België van een vennootschap opgericht naar buitenlands recht: gevolgen voor het voeren van de boekhouding en het opstellen van de jaarrekening.
  • 5. In dat opzicht, wijzigt artikel 17 van de wet van 25 december 2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting, vanaf 1 januari 2019, artikel 184ter van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (hierna: WIB 92). Artikel 184ter, § 2, nieuwe tweede lid WIB 92 zal in geval van een zetelverplaatsing naar België, verwezenlijkt vanaf 1 januari 2019, het volgende voorzien: "voor wat betreft de bestanddelen verbonden aan de buitenlandse inrichtingen of de in het buitenland gelegen bestanddelen waarover deze vennootschap beschikt, [worden] de later gerealiseerde meerwaarden, minderwaarden, afschrijvingen en waardeverminderingen wat deze activa betreft, vastgesteld uitgaande van de werkelijke waarde die zij hebben op het ogenblik van de verrichting” (eigen onderlijning). Voor de definitie van de werkelijke waarde, verwijzen wij de lezer naar de nieuwe leden 5 en 7. De meeste zetelverplaatsingen zullen bijgevolg de opmaak van een fiscale balans (gebaseerd op de reële waarde van de activa) tot gevolg hebben, verschillend van de boekhoudkundige balans (gebaseerd op de boekwaarde van de activa). Overigens zal de Commissie binnenkort de boekhoudkundige verwerking van de exit-tax nagaan.
  • 6. Cass., 12 november 1965, arrest Lamot, Pas., 1966, I, 336; bevestigd door het Wetboek van internationaal privaatrecht, art. 112: “De verplaatsing van de voornaamste vestiging van een rechtspersoon van een Staat naar een andere gebeurt slechts zonder onderbreking in de rechtspersoonlijkheid wanneer zij plaatsvindt met inachtneming van de voorwaarden waaronder het recht van deze Staten zulks toestaat. Wanneer een rechtspersoon zijn voornaamste vestiging verplaatst naar het grondgebied van een andere Staat, wordt hij vanaf de verplaatsing beheerst door het recht van die Staat.”; wetsvoorstel houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht, Toelichting, Parl.St., Senaat, B.Z., 2003, nr. 3-27/1, 131.
  • 7. Zie ook in deze zin: H. LAMON, Acquisitions, financement et cessions d’entreprises, Larcier, 2015, 737 e.v., voornamelijk 738, nr. 1155; A. DE BANDT en B. MALVAUX, “Les conséquences fiscales du transfert en Belgique du siège social d’une société étrangère”, C. & F.P., nr. 9/98, 41 e.v., voornamelijk 45; L. DENYS, “Transfert d’actifs vers et hors d’une juridiction fiscale”, Cah. dr. fisc. int., 1986, 187.
  • 8. KB W.Venn., art. 28, § 1.
  • 9. De Commissie is van mening dat voor zover de vennootschap waarvan de zetel wordt verplaatst naar België valt onder het Belgisch vennootschapsrecht, België als Staat van ontvangst het recht heeft om het Belgisch boekhoudrecht toe te passen op deze vennootschap (Wetboek van economisch recht, art. I.5 en III.82; zie inzake vennootschapsrecht: S. Maquet en E.-J. Navez, Le transfert transfrontalier du siège social des sociétés commerciales et ses implications dans la pratique notariale, in J. Malherbe en E.-J. Navez (ed.), Droit des affaires et sociétés. Actualités et nouveaux enjeux, Anthemis, 2013, 165-210, m.n. 171 ; E.-J. Navez en B. Goddin, L’évolution des principes de liberté d’établissement dans l’espace européen et ses influences sur le DIP belge des personnes morales, in Y. De Cordt en A.-P. André-Dumont, Droit des sociétés Millésime 2011, Larcier, 2011, 283-359, m.n. 338).
  • 10. KB W.Venn., art. 22; CBN-advies 117/1 - Jaarrekening in Belgische frank - Munt waarin de jaarrekening moet worden opgesteld; CBN-advies 117/2 - Munt waarin de boekhouding moet worden gevoerd en de jaarrekening opgesteld.
  • 11. CBN-advies 172/1 - Opneming van de rekeningen van een buitenlands bijkantoor.
  • 12. KB W.Venn., art. 83, tweede lid: “Wanneer de bedragen van het boekjaar niet vergelijkbaar zijn met die van het voorafgaande boekjaar, mogen de bedragen van het voorafgaande boekjaar worden aangepast met het oog op hun vergelijkbaarheid; in dat geval worden deze aanpassingen, behalve indien zij onbelangrijk zijn, in de toelichting bij de waarderingsregels vermeld en onder verwijzing naar de betrokken rubrieken, toegelicht. Worden de bedragen van het voorafgaande boekjaar niet aangepast, dan moet de toelichting de nodige gegevens bevatten om een vergelijking mogelijk te maken.” (eigen onderlijning).
  • 13. “De beginbalans van een boekjaar moet, onverminderd de toepassing van artikel 83, tweede lid, overeenstemmen met de eindbalans van het voorafgaande boekjaar.” (KB W.Venn., art. 26, § 2).
  • 14. Zie KB van 18 december 2015 tot omzetting van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, art. 19, 2° tot wijziging van art. 83, tweede lid KB W.Venn.
  • 15. Het advies gaat verder als volgt: “Enkel indien deze werkwijze een onevenredige last betekent voor de onderneming of praktisch onmogelijk blijkt, kan de onderneming die haar zetel naar België heeft overgebracht een aanpassing van de cijfers van het voorgaande boekjaar achterwege laten. De Commissie wenst echter wel te benadrukken dat de onderneming in dit geval minimaal in de toelichting de nodige gegevens dient te verstrekken om een vergelijking mogelijk te maken.” (CBN-advies 2011/2 - Zetelverplaatsing naar België van een vennootschap opgericht naar buitenlands recht: gevolgen voor het voeren van de boekhouding en het opstellen van de jaarrekening).
  • 16. Deze boekhoudkundige herwerkingen kunnen er desgevallend voor zorgen dat de beschikbare reserves negatief worden.
  • 17. Naar de mening van de Commissie lijkt het aangewezen dat de daaropvolgende boekhoudkundige herwerkingen niet worden uitgevoerd door het debiteren of het crediteren van de overgedragen winst (of het overgedragen verlies) aangezien, zoals vermeld in randnummer 5 hierboven, de zetelverplaatsing geen aanleiding geeft tot een resultaat in het Belgisch boekhoudrecht.
  • 18. De keuze van de vennootschap zal in het bijzonder afhangen van het fiscaal statuut van de gebruikte rekening(en), zowel inzake fiscaal recht van de Staat van herkomst als het Belgisch fiscaal recht. In functie van de gemaakte keuze, zal de vennootschap desgevallend een statutenwijziging moeten doorvoeren.
  • 19. Met betrekking tot herwaarderingsmeerwaarden zie CBN-advies 2011/14 – Herwaarderingsmeerwaarden en CBN-advies 2016/23 - Herwaarderingsmeerwaarden: gevolgen van de wijzigingen aan artikel 57 KB W.Venn. door het koninklijk besluit van 18 december 2015.
  • 20. Naar de keuze van de vennootschaap wordt het afgeschreven deel van de herwaarderingsmeerwaarde, dat er nog zou worden geboekt, naar de reserves overgeboekt of in het kapitaal van de vennootschap opgenomen. In dit laatste geval is een wijziging van de statuten van de vennootschap nodig.
  • 21. Dit impliceert een wijziging van de statuten van de vennootschap.
  • 22. Andere voorbeelden van verschillen die een schending van de Belgische boekhoudregels kunnen inhouden bij een zetelverplaatsing in boekhoudkundige continuïteit zijn: afschrijvingen, bijkomende kosten, intercalaire interesten, aanschaffingswaarde, eigen aandelen in mindering gebracht van het kapitaal, subsidies in mindering gebracht van het actief en de bestellingen in uitvoering (percentage of completion).
  • 23. KB W.Venn., art. 35: “Onverminderd de toepassing van de artikelen 29, 57, 67, 69, 71, 73 en 77, wordt elk actiefbestanddeel gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde en voor dat bedrag in de balans opgenomen, onder aftrek van de desbetreffende afschrijvingen en waardeverminderingen. Onder aanschaffingswaarde wordt verstaan: of de aanschaffingsprijs zoals bepaald in artikel 36, of de vervaardigingsprijs zoals bepaald in artikel 37, of de inbrengwaarde zoals bepaald in artikel 39.”.
  • 24. De keuze van de vennootschap zal in het bijzonder afhangen van het fiscaal statuut van de gebruikte rekening(en), zowel inzake fiscaal recht van de Staat van herkomst als het Belgisch fiscaal recht. In functie van de gemaakte keuze, zal de vennootschap desgevallend een statutenwijziging moeten doorvoeren.