COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

CBN-advies 106/5 - Gewaarborgde schulden - Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen


Zoals reeds werd aangestipt1, is uit de eerste neerleggingen van jaarrekeningen opgemaakt volgens de nieuwe schema's ingevoegd bij het besluit van 12 september 1983 onder meer gebleken dat in de toelichting de staat der gewaarborgde schulden2 alsmede de staat van de niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen3 vaak fout of onvolledig worden ingevuld en een gebrek aan overeenstemming of coherentie vertonen. 

Daarom volgen hierna enkele preciseringen over de draagwijdte van de inlichtingen die in deze staten moeten worden opgenomen. 

Wat de staat der gewaarborgde schulden betreft4, moet erop worden gewezen dat naast de door Belgische overheidsinstellingen gewaarborgde schulden, enkel de schulden (of gedeelten van schulden) gewaarborgd door zakelijke zekerheden gesteld of onherroepelijk beloofd op activa van de onderneming moeten worden vermeld. 

In dat verband blijkt enige verwarring te bestaan over het begrip zakelijke zekerheid. De zakelijke zekerheid slaat in de regel op één of verschillende goederen uit het patrimonium van de schuldenaar. Zij heeft tot gevolg dat het betrokken goed bestemd wordt tot voldoening van de door haar gewaarborgde vordering. Aldus wordt de schuldeiser in staat gesteld af te wijken van de regel van de gelijkheid van de schuldeisers, bepaald bij artikel 8 van de hypotheekwet, en een voorkeurrecht uit te oefenen op de prijs van de zaak waarop de zekerheid slaat. De uitoefening van dit voorkeurrecht wordt in de regel vergemakkelijkt hetzij doordat de totstandkoming van de zekerheid gebonden is aan de buitenbezitstelling van de schuldenaar, hetzij doordat de schuldeiser via de zekerheid over een volgrecht beschikt op het betrokken goed. 

De zakelijke zekerheden waarmee bij het invullen van staat X, B (volledig schema) of van staat V, B (verkort schema) moet worden rekening gehouden, zijn : 

  • het pand op bepaalde goederen (voorraden, vorderingen, enz.); 
  • het pand op de handelszaak; 
  • het voorrecht van de verkoper5
  • de wettelijke en conventionele hypotheken, alsmede het onherroepelijk gegeven mandaat tot het vestigen van een hypotheek; 
  • het eigendomsvoorbehoud. 

Het begrip zakelijke zekerheid mag dus niet worden verward met de mogelijkheid voor de schuldenaar om - algemeen genomen - te voldoen aan zijn verplichtingen, of met de aanwezigheid van voldoende liquide middelen. 

Bovendien moet de staat der gewaarborgde schulden6 rechtstreeks in verband worden gebracht met de staat der niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen7, in de mate waarin in die staat de zakelijke zekerheden die door de onderneming werden gesteld of onherroepelijk beloofd op haar eigen activa als dusdanig moeten worden opgenomen. In de gepubliceerde jaarrekeningen is er dikwijls een gebrek aan overeenstemming of coherentie tussen beide staten. 

Indien bijvoorbeeld een schuld ten bedrage van 100 tegenover een kredietinstelling gewaarborgd is door in pand gegeven effecten die eigendom zijn van de onderneming en die voor een bedrag van 150 in haar jaarrekening zijn opgenomen, dan wordt : 

  • de gewaarborgde schuld ten belope van 100 vermeld onder code 896.2.;
  • de verpande effecten ten belope van 150 vermeld onder code 919.1. 

 

  • 1. Supra, Mededelingen sub F.
  • 2. Cf. toelichting X, B - volledig jaarrekeningschema.
  • 3. Cf. toelichting XVII - volledig jaarrekeningschema en toelichting VIII - verkort jaarrekeningschema.
  • 4. Cf. toelichting X, B uit het volledige jaarrekeningschema en toelichting V, B uit het verkorte jaarrekeningschema.
  • 5. Artikel 20, 5° hypotheekwet.
  • 6. X, B uit het volledig schema en V, B uit het verkort schema.
  • 7. Cf. toelichting, staat XVII, volledig schema - staat VIII verkort schema.