Heeft het boekjaar een duur van minder of meer dan 12 maanden, dan worden de in artikel 1 bedoelde bedragen van 500.000 euro en van 620.000 euro vermenigvuldigd met een breuk waarvan de noemer 12 is en de teller het aantal maanden van dat boekjaar, waarbij elke begonnen maand voor een gehele maand wordt geteld.